Anna Cogen

 

In 1928 kocht Anna Cogen van de familie Cock het “Hof ter Beuken”, gelegen in een uitgestrekt park aan de Groendreef te Lokeren. Nijveraar Hubert Cock en zijn echtgenote Virginie hadden het landhuis in 1920 gekocht van de oorspronkelijke eigenaar en bouwheer George Schaetsaert. Hij was een telg uit een gegoede Gentse familie, die in de jaren 1850, in de periode van de aanleg van de spoorweg Antwerpen-Gent op de linker Durmeoever, het grote terrein had aangekocht, er een villa had gebouwd en een tuin met parkallures had aangelegd. George Schaetsaert had in 1914 de Gentse architect Prosper Alfred Buyck opdracht gegeven een volledig nieuw landhuis te bouwen. Hij heeft er echter nooit gewoond, en op 5 maart 1920 verkocht hij de onafgewerkte villa aan Hubert Cock, die onmiddellijk werk maakte van de afwerking van het interieur. Of het echtpaar Cock de villa ook effectief heeft bewoond, is door een gebrek aan archiefstukken niet meer uit te maken.

Feit is dat Anna Cogen, die na de Eerste Wereldoorlog de villa van George Schaetsaert reeds had willen kopen, maar als gevolg van financiële perikelen daarvan had moeten afzien, in 1928 de nieuwe eigenares werd van het “Hof ter Beuken”. De stad Lokeren heeft het domein in 1976 aangekocht van haar dochter en heeft er de academie voor muziek en woord in ondergebracht.

Anne-Marie Cogen (1891-1962), soms “ La belle Anna ” genoemd, was een opmerkelijke vrouw, die de leiding had over een van de belangrijkste haarsnijderijen van Lokeren, aan de Heirbrug. Zij had talrijke internationale zakenrelaties, een groot sociaal gevoel voor de minderbedeelden en een ruime kennissenkring, waartoe heel wat schilders en beeldhouwers behoorden. Haar bewogen levensloop werd uitvoerig beschreven door haar dochter Anne-Marie in het tijdschrift “De Souvereinen” van de Heemkring van Lokeren (december 1994).

Na de aankoop van het “Hof ter Beuken” heeft Anna Cogen nog de definitieve afwerking moeten verzorgen.

Hoe zij in contact is gekomen met Geo Verbanck, is niet meer geweten, maar hij kreeg de opdracht voor een twee meter hoog bas-reliëf voor de linker zijgevel van de villa. Het stelt de “Schone Kunsten” voor, uitgebeeld door een schaars geklede man en vrouw met een harp.

In het begin van de jaren 1930 kapte Verbanck het 80 cm hoge borstbeeld van Anna Cogen in witte marmer en ook de kopjes van de beide dochters, Anne-Marie (°1929) en Monique (°1931). Van hun oudere halfbroer Jean (°1909) maakte hij een bas-reliëf als universiteitsstudent. Het borstbeeld van Anna Cogen staat in de hal van Hof ter Beuken; de kopjes van de dochters bevinden zich bij Anne-Marie en bij Monique zelf; het bas-reliëf van Jean bevindt zich in het Stedelijk Museum van Lokeren.

        

Verbanck kapte ook twee tuingarnituren in zandsteen in de vorm van een zittende vrouw met aan haar voeten een hond, om aan weerszijden van de oprit naar het park te prijken. Toen Anna Cogen in 1935 een ruime villa in Knokke liet bouwen, bracht zij die tuinbeelden naar daar over.

In 1936 bood het personeel van haar haarsnijderij, de “Anciens Etablissements Epouse P. Jacobs (A. Cogen)” haar een bronzen huldeplakket aan, dat werd ingemetseld in haar kantoor. Ook dit werk van Geo Verbanck bevindt zich thans in het Stedelijk Museum van Lokeren.

 

© Anthony Demey, Stichting Geo Verbanck, 09.12.2005.

 

terug naar "portretten "